(16) Relevantie. Tussenbalans in plaats en tijd


In een goed gesprek tussen heren in een fraai aangelegde, vroegzomerse tuin spreekt mijn gastheer zijn toorn uit over de krantengewoonte, een artikel te beginnen met een persoonlijk verhaal, dat door de auteur verder door het artikel wordt geweven: Geef me maar gewoon de materie, zonder poespas! Jour­nalistieke gewoonte sinds de jaren zeventig, schat ik: de lezer wordt anekdotisch het artikel inge­trokken, de materie heeft direct zijn illustratie en als het persoonlijke aan het eind te­rugkomt helpt die afronding het artikel te overzien, te begrijpen en te onthouden. Niet verkeerd, maar als ik erop ga letten erger ook ik me aan het cliché. Toch maak ik het in mijn on­der­­­zoek naar Plaats en tijd zelf nog bonter: het persoonlijke waarmee elk stuk opent gaat over mij zelf.


Cirkelen om de vraag


Mijn jonge zelf: zo hoor ik de draadomroep over de moord op John F. Kennedy, meen ik, pein­zend voor een muurkast, te begrijpen hoe Nederland bóven België ligt, weeg ik de kansen van onder­dui­ken bo­ven de schuifdeuren en bezoek ik vanuit school een domi­nee die dieren­leed aanklaagt in de bio-in­dus­trie. Later fiets ik de antiquariaten in Utrecht langs, feest ik met een veelverdienend advies­bureau in de Beurs van Berlage en ontdek ik met mijn kinde­ren in Trier een bunker voor bur­ger­­­bescher­ming uit de Tweede Wereldoorlog.


Ook met mijn vader open ik enkele stukken: de idealistische jonge­ling die niet naar Indië mocht, het verondersteld almachtig lid van de Oudercom­mis­sie van mijn kleuterschool en het koorlid, bezingend hoe de mens heerst over de dankbare natuur. Alles als voorbeeld van veranderingen in mijn manier van kijken. Want wat is mijn vraag? Die is volgens het eerste stuk van Plaats en tijd: hoe maken we zicht­baar wat we niet zien, omdat we er middenin zitten, maar dat misschien wel belangrijker is dan wat ons in het moment bezighoudt?[1]


Verlies


In mijn teksten cirkel ik sindsdien om die vraag heen: verleden, heden en toe­komst ko­men erin voor, alles over kijken en waarnemen en vergelijken en verande­ren, ik stel mezelf geen grenzen. Hoe ont­snap ik aan de beperkingen van mijn eigen tijd en omge­ving? Alles kan helpen, ook de blik van het kind, als ik in de jaren zestig kon schrij­ven: Koger­veld, Zaan­dam, Neder­land, Euro­pa, wereld, Melk­weg, heelal, wat nu zou zijn: mobieltje, filter, selfie, ­netwerk, Insta­gram, Google, Cloud, veelzeggende omschakeling van geografisch naar virtueel.


Tijd en plaats definiëren kan door aan te wijzen wat er niet meer is. Veel stukken gaan inmiddels over ver­lies: verlies van vrijheid, door computers, netwerken en sociale media die ons op de voet vol­gen (‘Vindbaarheid’)[2], van eigen waarneming, door lenzen en programma’s die voor ons kijken (‘Wer­ke­­lijkheid’[3]), van antiquariaten, door ontlezing en internetverkoop (‘Verdwe­nen'[4]). En verlies van af­stand en niet-weten, door een kleinere wereld (‘Afstand’[5]), van gebouwde omgeving en cultuur en landschap, door bewuste vernietiging en klimaatverandering (‘Verlies'[6]), van tekens van leven gevon­den in boeken, door andere informatiedragers (‘Sporen’[7]). Ik blijk in het heden een gevoel van verlies te hebben ‘om een voor­ziene gebeurtenis in een toekomst die ik zelf niet zal meemaken.’


Schakelen


Maar sommige dingen gaan niet over, of ze komen terug. De 20ste eeuw is terug ‘in een multi­polaire, instabiele, digitaal verbon­den maar zeld­zaam verdeelde wereld met existentiële problemen.'[8] Hij is er weer: de sterke man, met bestorming van de democratie, manipulatie van verkiezingen, vreemde­lin­genhaat en uitsluiting, geweld tegen vluch­telingen, nieuwe muren en een tweede Koude Oorlog… en nog altijd kern­wapens. Ook kolonialisme is niet over: het leidt tot nieuwe discussie en nieuwe vor­men en soms tot politieke excuses achteraf[9].


In twee stukken over leven en natuur verwonder ik me en schaam ik me dat inzichten zo laat tot me doordrongen over de menselijke omgang met dieren[10] en met bomen[11]. Ik blijk zelf netzogoed opge­slo­ten in mijn tijd en kan in het nu niet aanwijzen waar we ons straks nog meer over zullen schamen. Niettemin, ik was goed bezig, al kon ik nog niet overzien hoe mijn eerste materiaal kan bijdragen aan een antwoord op mijn vraag.


Parallellen


Maar toen leverde de Oekraïne-oorlog het ultieme bewijs van het belang van die vraag. We zijn te laat wakker gewor­den, zegt Ru­precht Polenz, Duits CDU-politicus en Bondsdag­lid. We hebben de be­dreiging simpelweg niet gezien, zegt de Amerikaanse oud-militair Ben Hod­ges[12]. We leefden in de illusie van blij­vende vrede, zegt de Franse oud-president Hollande[13]. We waren verliefd op ons opti­mis­me en op onze doo­f­heid, schrijft litera­tuurcriticus en presentator Volker Weider­mann[14]. We leef­den in een wereld­vreemde wereld, zegt schrijver en columnist Maxim Biller[15]. Het blijkt de grootst denk­bare oefening in het denken over opslui­ting in de eigen tijd, nu we niet alleen geopolitiek om­scha­kelen, maar ook dertig jaar van onze recente geschie­denis in een heel nieuw licht bezien.


De Russische dreiging aan de grens van Oekraïne was aanleiding tot een histo­rische paral­lel: mislei­ding bij het begin van de Tweede Wereldoorlog en in de Krim in 2014 en Oekra­ïne in 2022. (‘Con­flict’[16]). De Zei­ten­wende probeer ik inmiddels in kaart te brengen door er in parallellen omheen te cirkelen: Rusland op afstand houden in de jaren 1990 en nu (‘Geïso­leerd’[17]), schuilen in de Tweede Wereld­oorlog en nu (‘Schuilen’[18]) en grenzen overschrijden in 1956 en 1968 en nu (‘Gren­zen over'[19]). Ik onderzoek naarstig verder. De regelen der kunst schrijven voor dat ik tot slot terugkom op de gastheer die ik hier een ongevraagde rol gaf. Ik hoop nog welkom te zijn voor het volgende goede gesprek.


(Baarle-Nassau 12 juni 2022)

[1] https://www.boekenzijnvannu.org/post/1-plaats-en-tijd [2] https://www.boekenzijnvannu.org/post/2-vindbaarheid [3] https://www.boekenzijnvannu.org/post/3-werkelijkheid [4] https://www.boekenzijnvannu.org/post/4-verdwenen [5] https://www.boekenzijnvannu.org/post/5-afstand [6] https://www.boekenzijnvannu.org/post/6-verlies [7] https://www.boekenzijnvannu.org/post/7-sporen [8] https://www.boekenzijnvannu.org/post/10-terugkeer-schakelen-tussen-krant-en-boekenkast [9] https://www.boekenzijnvannu.org/post/12-woorden-het-boek-van-het-verleden [10] https://www.boekenzijnvannu.org/post/8-opgesloten-onze-schaamte-straks [11] https://www.boekenzijnvannu.org/post/9-alternatief-omdenken-bij-de-beuk-om-de-hoek [12] Frieden schaffen doch mit Waffen? Die Zeit 2. März 2022 [13] Waren wir naïv? Ein Interview met Francois Hollande. Die Zeit 2. März 2022 [14] Volker Weidemann: Unsere Ohren waren verstopft. Die Zeit 10. März 2022 [15] Maxim Biller: Alles war umsonst. Die Zeit 24. März 2022 [16] https://www.boekenzijnvannu.org/post/11-conflict-maskerade-en-spielerei-aan-de-grens [17] https://www.boekenzijnvannu.org/post/13-ge%C3%AFsoleerd-rusland-poetin [18] https://www.boekenzijnvannu.org/post/14-schuilen-toch-weer-zeitgem%C3%A4%C3%9F [19] https://www.boekenzijnvannu.org/post/15-grenzen-over-de-laatste-drempel-in-zicht

Recente blogposts

Alles weergeven

Rusland op een cruciaal moment op afstand houden, we hebben het meer gedaan. Het was geen wijsheid. Regime change of niet, Rusland ≠ Poetin.